Skip to content

Kunstbegrip op de helling; This is the School, KABK, Den Haag

1 november 2013

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Het dynamische karakter van het onderwijs aan de Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten, Den Haag” ronkt de KABK op haar website naar aanleiding van de tentoonstelling This is the School and the School is Many Things. Dat dynamische en dat Koninklijke,  het klinkt als een mokkataart met een speelgoed-Ferrari erop, maar gelukkig heeft de tentoonstelling niets van dat pompeuze. Een aantal alumni van de Academie die in verschillende takken van vormgeving werkzaam zijn, is gevraagd bij te dragen aan een tentoonstelling die dat dynamische moet benadrukken, onder curatorschap van Johan Gustavsson en Martijn Verhoeven.

Nu is het de vraag of je zoiets met werk van alumni moet doen, wanneer je het karakter van het onderwijs wil laten zien. Immers, van alumni mag verwacht worden dat zij artistiek los van de Academie hun weg gevonden hebben. Nu mag een academie natuurlijk trots zijn op haar alumni en een opleiding kan door die oud-studenten natuurlijk als belangrijk en positief ervaren zijn, maar het onderwijs vindt nú plaats en de dynamiek ervan dus ook. De dynamiek van het onderwijs zoeken in werk van alumni is archeologie of historie bedrijven, ook en des te meer als je daarvoor een historische tentoonstelling als This is the show and the show is many things  uit 1994als inspiratie neemt. Daarnaast is het de vraag of je het werk van enige recentelijk afgestudeerden binnen enige maanden in hetzelfde gebouw nogmaals moet tentoonstellen.

Toch is er een mooie tentoonstelling uit voortgekomen. Er is werk dat wint aan betekenis door de context waarin het hier getoond wordt. Maar dat is niet het enige, de inrichting en samenstelling en hier en daar, vooral in de eerste ruimte, de tegenstellingen maken de tentoonstelling, vooruit dan, dynamisch. De tentoonstellingsruimtes van de Academie zijn drie ruimtes waar voorheen studenten zwetend schuurden, zaagden en sneden aan hout, karton en metaal en waar andere studenten zich monumentaal de hemel in trachtten te verven. Daarvóór zullen zij ongetwijfeld ook gediend hebben als ruimte voor sculptuurstudenten en ter bestudering van de ooit behoorlijke collectie gipsen kopieën van klassieke beelden. Je kon die ruimtes meteen vanuit de ingang via enige chique treden binnenkomen, zodat de ernst en verhevenheid van het vak je tegemoet kwam.

Dat wordt met deze tentoonstelling prettig omzeild door haar aan de zijingang van de ruimtes te laten beginnen.

De hele tentoonstelling heeft iets muzikaals: als in een klassiek muziekwerk bestaat het uit meerdere delen die onderling verschillen maar ook samen tot een eenheid gesmeed zijn. Proporties, gravitas en terugkerende thema’s zijn daarbij van belang. In dit geval bestaat het werk uit drie delen en uit een soort proloog.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

De eerste zaal, het eerste deel, is er een van sterke tegenstellingen:

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

het horizontale van het tapijtachtige werk van Nynke Koster  tegenover het verticale van de posterinstallatie, die de hele wand beslaat, van Gilles de Brock

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

en het steil omhooggaande monumentale werk van Yair Callender.

School 07 Willem Popelier 01

Het monumentale van die drie werken tegenover de pasfotoserie van Willem Popelier.

School 08 Femmy Otten 01

de delicate werken van Femmy Otten

School 09 Nikkie Wester 01

en het hoog aan de wand hangende textiel van Nikkie Wester.

School 10

School 11 Nynke Koster 02

De tweede zaal biedt contemplatie. Er is weer werk van Nynke Koster dat hier als zitmeubel gebruikt kan worden om naar de videoinstallatie van Vera Herr  te kijken.

In de derde zaal staat een stellage die naar een soort apotheose lijkt te leiden.

School 12 Yair Callender 02

Het zijn in deze zaal vooral design en wooncultuur die het karakter bepalen, hoewel er ook een werk van Callender als een minder opvallende herinnering opduikt.

School 13 Gilles de Brock 02

School 14 Gilles de Brock 03

Het werk van Gilles de Brock over de constante veranderingen in het grafische vak en het dynamische van de digitale media wordt hier gecompleteerd,

School 15 Nikkie Wester 02

terwijl het in de eerste zaal misschien ternauwernood opgemerkte werk van Nikkie Wester hier op ruime wijze wordt aangevuld.

School 16 Anouk van Klaveren 01

Het combineert goed met het meer extraverte textielwerk van Anouk van Klaveren. Bovendien, zoals het werk van Koster tegelijk als gebruiksartikelen en als kunstwerken beschouwd kunnen worden, geldt dat ook voor het werk van Van Klaveren en voor dat van Wester.

School 17 Johan Pragt 01

En ook de meubelen van Johan Pragt

School 18 Martijn Rigters 01

 en Martijn Rigters  kunnen hier als kunstwerken gezien worden.

School 19 Viktor Hachmang 01

Aan de muur is zelfs nog een werkje van Viktor Hachmang  weggestopt.

School 20 Lieven Poutsma 01

Het ontwerp van binnenhuisarchitect Lieven Poutsma  vernauwt de blik van de kijker binnen het geheel van de zaal naar een ontwerp dat de kijker vervolgens weer in het groot voor zich moet zien.

De stellage in de zaal bepaalt ook de manier van kijken, niet alleen dat ontwerpen min of meer als kunstwerken met een betekenis gezien kunnen worden, ook de sfeer geeft betekenis zoals de belichting bij het werk van Van Klaveren.

School 21

Wie de trap van de stellage opgaat komt boven op een platform waar een consumptie genuttigd kan worden en er liggen werken van alumni van de afdelingen fotografie en grafisch design. Je hebt de top dan bereikt en bevind je rechtstreeks onder het glazen plafond, waar het op zonnige dagen navenant warm en licht is.

School 22 Jessica de Boer 01

De veranderlijkheid van de ruimte onder invloed van de buitenwereld doet misschien weer herinneren aan de proloog van de tentoonstelling voor de ingang. De installatie The Life of the Dead Blue Hummingbird van Jessica de Boer  staat daar vlak voor de toegang naar de binnenplaats. Zij laat haar zaak vooral over aan natuurlijke processen. In dit werk zakken honing en amarantzaden door elkaar. De honing zakt naar beneden terwijl de zaden boven komen drijven. Met het wisselende licht dat door de honing schijnt en de uiterst langzaam veranderende patroon van de zaden is er eerder sprake van verglijdende verandering dan dynamiek. De titel verwijst naar verschillende zaken die met elkaar te maken hebben. Het verwijst naar de belangrijkste Azteken-godheid, verbeeld door een blauwe kolibrie, en ook naar de festiviteiten rond deze godheid, die werden opgeluisterd met een sculptuur van de godheid, gemaakt van honing en amarantzaden, die opgegeten werd zodat iedereen een deel van de godheid in zich had. Nectar van de bloeiende amarant is ook voedsel voor de kolibrie. Voor het overige verliep de ceremonie nogal bloeddorstig: een groot aantal mensen werd op akelige wijze geofferd. En zo heeft dit werk niet alleen het fraaie transparante van de honing maar heeft het ook een aspect van dood, geweld en voedsel.

Dood en geweld hebben gelukkig geen plaats op het platform waar de expositie mee eindigt, maar er valt wel wat te nuttigen. Dat maakt het bovendien tot een ontmoetingsplaats voor bezoekers, zoals de Azteken-ceremonie ooit ook een sociaal gebeuren was, hoe navrant dat ook moge klinken. Bovendien wordt de sfeer van het geheel dus ook erg bepaald door het licht van buiten.

Wat de geschiedenis van de Academie zelf betreft: daarmee legt het werk van Nynke Koster een link. Haar werk was dit jaar al te zien tijdens de eindexamenexpositie. Het wint enorm aan kracht in deze opstelling. Zij maakte negatieve afdrukken van de gipskopie van de Paradijsdeuren van Ghiberti, één van de weinige gipsafgietsels die nog over zijn van de academische verzameling, en maakte ze geschikt om op te zitten of om overheen te lopen. Ze deed daarmee meer dan simpel de keuze tussen meubel en autonoom kunstwerk verdoezelen. Ze heeft daarmee onder meer het oude academische onderwijs verbonden aan het hedendaagse.

Het werk van Martijn Rigters en Yair Callender werd al eerder in dit blog  genoemd. Rigters benadrukte eerder het productieproces van zijn zitmeubelen, terwijl ze nu als autonome werken te zien zijn. Callender bewijst wederom dat hij met zijn werk de omgeving waarin het staat sterk kan beïnvloeden en van nieuwe betekenis kan voorzien of meer verborgen betekenis kan blootleggen. Maar ook de werken van de andere kunstenaars en ontwerpers maken deze symfonische expositie tot iets bijzonders.

Alles bij elkaar maakt de tentoonstelling ook duidelijk dat ons historische kunstbegrip, of de definitie van autonome kunst en alle andere beeldcultuur op de helling staat. Het is bijna niet meer voor te stellen dat de scheidingen tussen de disciplines ooit zo nauw getrokken zijn. Als een academie dát kan laten zien dan heeft ze de vinger op een zere wonde gelegd en het is dan eigenlijk haar plicht daarmee door te gaan. We mogen dan niet alleen hopen dat de KABK dat door middel van een stevig tentoonstellingprogramma zal blijven doen, maar dat ze daarmee ook meer naar buiten zal treden zodat ook het meer of minder geïnteresseerde publiek met enige regelmaat de weg naar de Academie weet te vinden.

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Bertus Pieters

Zie ook: http://jegensentevens.nl/2013/10/this-is-the-school-and-the-school-is-many-things/

http://mistermotley.nl/Expo_s/2013/10/31/This_Is_The_School_And_The_School_Is_Many_Things/

Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: