Skip to content

Schedelholtes voor de vrijheid; Jan van de Pavert, Modellen; Museum Boijmans Van Beuningen, Rotterdam

23 mei 2016

Jan van de Pavert 01

De huidige tentoonstelling Modellen van werk van Jan van de Pavert in Museum Boijmans Van Beuningen, lijkt een aantal losse einden te bieden; een aantal gedachten waartussen zich onzichtbare ideeën bevinden. Dat zou verwarrend kunnen zijn, zij het niet dat het vooral intrigerend is. Van de Pavert hanteert in zijn werk een groot aantal materialen en verschillende disciplines. In deze tentoonstelling zijn vooral de meer sculpturale werken te zien. Bij Van de Pavert zijn sculpturen  ruimtes, of zij nu open of gesloten zijn, als dragers van ideeën. Op die ideeën is hij ook beeldend nader ingegaan, met potlood, verf en animatie, maar die werken worden hier niet getoond, alsof de holtes waarin zij zouden kunnen verkeren voorlopig voldoende zijn. Ten dele is dat zo.

Jan van de Pavert 02

Jan van de Pavert 03

Van de Pavert houdt zich onder meer bezig met architectuur en meubilair en hij benadrukt de openheid daarvan. Of liever, hij opent er nieuwe perspectieven mee voor de kijker. Hij laat daarmee de binnenkant buitenkant worden of vice versa. Zo maakte hij begin jaren ’90 een aantal stoelen van paraffine, waarvan het zitgedeelte, datgene wat een stoel een stoel maakt, werd gevormd door de afdruk van een lichaam. De buitenkant van het lichaam werd dus de buitenkant van de stoel, met dien verstande dat die buitenkant het negatief was van de buitenkant van het lichaam. In Boijmans zijn een aantal van die stoelen te zien. De idee om de negatieve vorm van een afdruk te laten zien als ruimte, grijpt terug op het vroege werk van Van de Pavert. Hij begon ooit eind jaren ’80 met een afdruk van zijn atelierdeuren (Inversie). Je kunt je eigenlijk geen mooier begin voorstellen voor een kunstenaar die voortdurend ruimtes lijkt te willen ontsluiten. Later volgde nog een afdruk van het raam van zijn atelier. Ramen en deuren bevinden zich vaak min of meer in holtes, om ze te beschermen en om de passant blijkbaar uit te nodigen naar binnen te komen of te kijken. Van de Pavert vulde ze met volume.

Jan van de Pavert 04

Ze zijn niet te zien in de huidige tentoonstelling maar ze krijgen in feite een kleine echo voor de goede kijker in een detail van Een huis uit 1994. Daar tegenover staan dus min of meer de stoelen met afdrukken van het lichaam, waarin het lijf holtes heeft gecreëerd. Die holtes en reliëfs geven de gelegenheid het zichtbare opnieuw te interpreteren. Je zou kunnen zeggen dat de ruimte voor vrijheid van interpretatie er min of meer mee verdubbeld wordt.

Jan van de Pavert 05

Jan van de Pavert 06

Die ruimte voor vrijheid van interpretatie of van ideeën wordt trouwens vrij letterlijk genomen in Segment uit een bibliotheek uit 1989. Inkijkjes in de verschillende zijden van dit Segment, bieden verschillende mogelijkheden tot ordening en geven verschillende ideeën van de ruimte.

Een aantal zaken nadert elkaar steeds meer in het werk van Van de Pavert: de architectonische ruimte, de muurschildering en de animatie. De zaken in deze tentoonstelling vormen daarvan als het ware het geraamte. In een eerder stadium hield hij zich in zijn modellen voor muurschilderingen bezig met de artistieke vrijheid kort na de Russische revolutie en de inperking ervan die daarop volgde. De artistieke taal die hij daarbij hanteerde was die van de avant-garde in het Interbellum. In later werk komen onder meer figuren aan bod die in Van de Paverts jeugd een weg zochten naar de vrijheid zoals de provo’s, hippies  en de experimentele jazzdrummers Rashied Ali en Sunny Murray. In de animatie Lounge II zijn een aantal van die figuren te zien in opblaasbare vormen die zacht deinen, begeleid door ritmische geluiden. De muurschilderingen en animaties zijn niet te zien in de tentoonstelling, maar, zoals gezegd, hun geraamtes zijn er wel. Van de Pavert heeft getracht al werkend de 20ste-eeuwse idee van vrijheid binnenstebuiten te keren en zichtbaar te maken zonder op te roepen tot revolutie. Hij geeft geen waardeoordeel maar hij geeft letterlijk de ruimte aan de ideeën. De revolutie is naar binnen gekeerd, is een geestelijke revolutie geworden die uitnodigt naar binnen en naar buiten te kijken.

Jan van de Pavert 07

Jan van de Pavert 08

Dat komt vooral goed naar voren in een aantal bolvormige en gelobde modellen van ruimtes (2006-07), een aantal bedekt met bladgoud, een andere compleet doorzichtig. Deze architectonische ideeën doen wat denken aan de idealistische Verlichtingsarchitectuur van Étienne-Louis Boullée, zij het veel minder pompeus. Ze vormen een soort schedelholtes waarbinnen ideeën zich in vrijheid kunnen bewegen.

Jan van de Pavert 09

Jan van de Pavert 10

Dat idee van verinnerlijkte vrijheid uit zich ook in een werk als Zes gevels (2009 – 2010; er staan er twee op de tentoonstelling, een van zink en ijzer en een van messing) waarbij het absolute van modernistische architectuur is getracht te vinden door gevels van een modernistisch huis in elkaar te schuiven, dusdanig dat er een kubus ontstaat die op alle gewenste kanten gepresenteerd kan worden. Of dit de ultieme geluksdroom of de ultieme nachtmerrie van Gerrit Rietveld (aan wiens Rietveld Schröderhuis Zes gevels doet denken) zou zijn is niet duidelijk. Maar de idee van vrijheid in kantelbaarheid is er een om onmiddellijk gelukkig van te worden.

Jan van de Pavert 11

Jan van de Pavert 12

Die vrijheid is ook kenbaar in de Buismeubelen uit 2011. Iedere designer weet dat je meubels niet ontwerpt om te gebruiken, maar puur voor het ontwerp. Wat veel designers echter niet begrijpen, is dat zo’n meubel er dan best op een andere manier uitnodigend uit mag zien. Een stoel hoeft je niet perse toe te schreeuwen ‘ga beslist niet op mij zitten!’, integendeel, hij zou moeten uitnodigen erbij stil te staan – of om een wél-comfortabele stoel erbij te pakken –, naar het eigenaardige en bijzondere van het meubel te kijken en er de volle vrijheid van te proeven. Je hebt een kunstenaar als Van de Pavert nodig om je dat te laten zien.

Jan van de Pavert 13

Jan van de Pavert 14

Wat op het eerste gezicht misschien bijzaak lijkt, is het materiaalgebruik van Van de Pavert. Het materiaal lijkt hem niet uit te maken, zolang het maar ten dienste staat van wat hij er mee wil laten zien. In de presentatie zijn werken te zien waarin hij hout heeft gebruikt, maar ook metaal, glas, gips, paraffine, was, kunststof, leer en bladgoud. Niettemin zorgen die uiteenlopende materialen er wel voor dat de werken er heel verschillend uit kunnen zien. Zo is er optisch een hemelsbreed verschil tussen bijvoorbeeld Vitrinehuis uit 2005, dat gemaakt is van mdf, glas en bladgoud, en het Paviljoen van was uit 2016. Beide leiden de blik naar binnen maar de aantrekkingskracht om naar binnen te kijken wordt gestimuleerd door de buitenkant, zoals dat bij goede architectuur ook gebeurt.

Jan van de Pavert 15

Bij het Vitrinehuis gebeurt dat heel direct door de transparantie van het materiaal. Het werk fungeert als een kijkdoos en ook binnenin, op de eerste verdieping staat nog een deur uitnodigend open.

Jan van de Pavert 16

In het Waspaviljoen is die uiterste transparantie vervangen door de lichamelijke afdrukken in de was. Ook die afdrukken zeggen iets over hoe de binnenkant gevormd is. Ze geven bovendien het idee dat het paviljoen zelf een natuurlijk gevormd onderkomen is. Dat contrasteert ook sterk met bijvoorbeeld de gladde bolvormige en gelobde modellen.

Op die manier toont Van de Pavert een aantal zaken die vanuit de binnenkant zowel als van de buitenkant gedacht zijn. In feite is de binnenkant gelijkgesteld aan de buitenkant. De binnenkant biedt weliswaar onderdak aan ideeën, maar de buitenkant laat die ideeën ook uitzwermen. Het gaat daarbij niet om een idealistisch model als Constants New Babylon of om utilitaire modellen van ruimtes waarin mensen zichzelf vrijwillig mogen opbergen – de schaduwkant van het modernisme – , maar om ruimtes waarin de blik zowel naar binnen als naar buiten gericht kan worden. De ruimtes bieden een idee, zoals een schedeldak dat ook biedt. Er zijn ook geen figuurtjes van mensen te zien in de modellen.

Het gaat hier om een bescheiden maar mooie opstelling van een aantal aspecten van Van de Paverts werk. Het doet verlangen naar een veel groter overzicht, waarin een groter aantal aspecten van Van de Paverts werken samen gebracht kan worden. Zijn werk neigt te zeer naar het monumentale om dat aspect te negeren. Daarmee houdt deze tentoonstelling tevens een belofte in.

Jan van de Pavert 17(Klik op de plaatjes voor een vergroting)

 

Bertus Pieters

Zie ook: https://villanextdoor.wordpress.com/2016/05/24/jan-van-de-pavert-models-museum-boijmans-van-beuningen-rotterdam/

Advertisements
2 reacties
  1. Dat is weer een mooi stukske tekst, Bertus (net zoals laatst die over Halmans trouwens), ik lees je altijd mnet veel plezier en leer er ook van.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: