Skip to content

Tussen einde en begin #23: Marije Bijl

11 april 2017

Weinig cultuurbeelden zijn de laatste decennia zo veranderd als die van de roker. Tegenwoordig is een roker een zich verontschuldigende junk. Schuldbewust trekt de roker zich terug uit het zicht van de samenleving om die te vrijwaren van de duperende gevolgen van zijn gedrag. Steeds harder wordt het de roker ingewreven dat het ontoelaatbaar is dat de gevolgen van diens verslaving met mededogen gedragen worden door de maatschappij. De roker is de metafoor geworden voor iedere ziekte die de mens over zichzelf zou kunnen afroepen en het symbool van een nietsontziende, zich moreel sanerende samenleving. Hoe gezond of ongezond dát dan is, staat te bezien en het is opvallend hoe gedwee de roker zich bij die cultuur heeft aangepast. In de Middeleeuwen was het de duivel die niet genoemd of gezien mocht worden, nu is het de roker.

Een korte generatie geleden was dat nog anders en in de hoogtijdagen van het modernisme, in het midden van de vorige eeuw tot in de zestiger jaren was rookgerei onderdeel van de fotoportretcultuur. Rookgerei was een attribuut voor representatie: het zei iets over hoe de geportretteerde stond in de zich rap moderniserende wereld. De sigaret was daarbij hét symbool van modernisme. Uitzonderingen daargelaten (Jean-Paul Sartre stond graag op de foto met pijp), kon de sigaret zakelijkheid en stoerheid uitdrukken, maar ook de cultuur en de denkprocessen die zich bezighielden met de actualiteit.

Filosofe Hannah Arendt (1906 – 1975) is meermaals geportretteerd met sigaret. Al als studente liet ze zich fotograferen met een sigaret achteloos tussen de vingers. En ook later was zij op foto’s vaak te zien óf uitdrukkelijk óf juist quasi-achteloos met sigaret voorzien van een behoorlijke askegel. De meeste van die fotoportretten zijn geposeerd. Haar kapsel was voor die tijd redelijk kort, aan de zakelijke kant, zoals ook haar kleding zakelijk was. Die vorm van representatie maakte geen twijfel mogelijk: hier was een denkster van de moderne tijd, onderdeel van en denkend over die tijd. Opsmuk moest daarbij zoveel mogelijk vermeden worden. De sigaret was bij haar zowel de constante moderne bedwelming die haar denkvermogen stimuleerde als de lichte elegantie waarmee dat denken gecommuniceerd werd. De sigaret was daarmee meer dan alleen opsmuk.

Marije Bijl is de laatste jaren bezig geweest met meerdere series tekeningen, waarmee ze vanuit verschillende perspectieven tracht binnen te dringen in de zaken die haar bezighouden. Met name macht houdt haar bezig, niet zozeer om de onrechtvaardigheid en ellende die eruit voortvloeien aan te klagen, als wel om de gevoelens en ideeën die eraan ten grondslag liggen nader te bekijken. Het is niet vreemd dat Hannah Arendt daarbij een rol speelt. Arendts denken is in deze tijden van politieke massamanipulatie en –psychose weer heel actueel geworden. Weinigen hebben zich zo scherp en consciëntieus uitgesproken over de aard van het totalitarisme en de mechanismen en moraal die ermee gemoeid zijn.

Hannah Arendt smokes another one XIII uit 2016 is tot nu toe Bijls laatste uit een serie tekeningen over Hannah Arendt.* Het is meteen ook de meest abstracte uit de serie. In de voorafgaande tekeningen is het portret van Arendt steeds min of meer herkenbaar aanwezig. De herkenbare delen van haar gezicht vormen een soort skelet waaromheen kleuren en structuren zich voegen. Die kleuren en structuren zijn met een wisselende balans van toewijding en schijnbare nonchalance aangebracht. “Schijnbare” nonchalance, want – hoewel er ten dele een vorm van improvisatie aan ten grondslag ligt – de werkwijze komt eigenlijk meer overeen met de gebeurtenissen zoals ze zich voordoen in de geschiedenis: onherroepelijk, met onverbiddelijke consequenties en prooi van onmiddellijke interpretatie. Het water waarin de inkt en verf zijn opgelost op het papier wordt geleid maar gaat ook zijn eigen gang, juist mede door die geleiding, en dwingt daarmee de interpretatie van het werk. Interpretatie hangt mede af van hoe je de geschiedenis meemaakt, op welke afstand je ervan staat, van je ervaring en in hoeverre je zowel de roes van de gebeurtenissen kunt beleven als daarbovenuit tracht te stijgen. Naar Arendts portretten te oordelen ging dat steeds gepaard met de roes van nicotine. Bijl interpreteert de sigaret bij Arendt duidelijk niet alleen als een stijlsymbool, maar ook als de begeleider van Arendts denken. De rook is daarbij metaforisch voor de stimulerende roes van de nicotine en ook voor de roes van het denken zelf, de roes van de logica. Als geen ander weet Bijl – die enige jaren in het sterk vervuilde Peking heeft gewoond – hoe verstikkend en versluierend rook kan zijn, maar als beeldend kunstenaar kent ze ook de abstraherende werking ervan. Nevelende rook kan de kijker op een dwaalspoor brengen maar kan ook tot nieuwe inzichten leiden. In het geval van Arendt bracht rook wellicht juist heldere inzichten.

In Hannah Arendt smokes another one XIII zijn de contouren van het gezicht en de rook niet meer van elkaar te onderscheiden. Voor zover de voorstelling nog herkenbaar is, toont die zich als een aantal warrelende vlekken, grijs, met een golvende lijnenstructuur. Een van de ogen lijkt gesloten, eromheen een blauwe vlek die helder oplicht naast het geel en oranje. Die laatste twee kleuren beheersen de rest van de compositie, die als geheel weinig houvast biedt. Het is of alleen de ogen, de rook en het denken nog een rol spelen. Het denken concentreert zich qua intensiteit van de kleur het meest in het bovenste deel van de tekening. Nu de contouren van het gezicht, die in eerdere tekeningen van de serie nog helderheid gaven aan de compositie, opgelost zijn in vlekken, hebben de vormen en kleuren definitief vrij spel gekregen. Maar toch zou je in het gebied waar het oranje en het geel het meest intens zijn, het voorhoofd en het gedeelte rond de ogen kunnen plaatsen. Op die manier wordt het oranje, aangewakkerd door het blauw, de kleur van het denken. De grijze rook laat het denken opvlammen als een harde waarheid. Een moment van helderheid in een post-postmoderne, gesaneerde beeldcultuur. Een roker als de duivel die denkt, waar anderen liever luieren.

 

Bertus Pieters

 

* Marije Bijl, Hannah Arendt smokes another one XIII (2016), inkt en verf op waterbasis op papier, 32 x 24 cm. Illustratie (klikken voor een vergroting) in verkleinde vorm afkomstig van de website van Marije Bijl, waarin meer recent en ouder werk te zien is.

Advertisements
Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: