Skip to content

Over stijl; Sjoerd Knibbeler, Travelling past matter – LhGWR, Den Haag

18 mei 2017

Al vrij snel na de uitvinding van de fotografie zag men de mogelijkheden van het medium voor de wetenschap. Fotografie kon de mens helpen de wereld zuiver in beeld te brengen en waarheden te ontdekken. De lens kon immers niet liegen. Eeuwenlang had de mens het moeten stellen met verven, tekenen en graveren en hoewel die technieken de mens enorm hadden geholpen de wereld om zich heen in kaart te brengen, bleek fotografie een techniek die uit zichzelf nauwgezet en waarheidsgetrouw was, zoals die oude technieken dat niet konden zijn. Een schilder of tekenaar kon je onzichtbare goden voorspiegelen of onbestaanbare landschappen, de fotografie kon dat niet omdat die zaken niet tot de wereld van de realiteit behoorden. Althans, zo werd geredeneerd. Dat belichting, sluitertijd en de hoek van waaruit gekeken wordt hun eigen rol in het verhaal van de realiteit gingen spelen, werd echter ook relatief snel geconstateerd, laat staan dat dat wat zich voor de lens bevindt niet alleen echte realiteit kan zijn maar ook een geconstrueerde realiteit. Dat een fotograaf op die manier een eigen stijl kon hebben werd daarmee duidelijk. Met film werd het element van beweging toegevoegd aan de weergave van de realiteit. Vandaag de dag leven we in een wereld waarin fotografie en film, geheel voorbij de idee van stijl, óf blind worden vertrouwd óf diep worden gewantrouwd. Er zit eigenlijk weinig tussenin en dat laat kunstenaars op het gebied van fotografie en film toch wat in een duistere niche. Natuurlijk, er zijn kunstenaars die juist gebruik maken van die tweeslachtigheid (of ambiguïteit, zoals het in het jargon heet), maar anderen accepteren het wonder van de camera, zij willen voorstellingen met behulp van de camera weergeven en zien de echtheid die de camera garandeert als een wezen op zich zelf.

Zo waren de papieren vliegtuigjes die Sjoerd Knibbeler (1981) fotografeerde, echte door hemzelf gevouwen vliegtuigjes en hij heeft ze met veel toewijding gefotografeerd om ze de monumentaliteit van echte vliegtuigen mee te geven. Niettemin bleven de modellen nadrukkelijk van papier. Wat je op de foto’s ziet was ooit te zien vóór Knibbelers lens en daarvan zijn zij het resultaat. Zij zijn geen product van verdere manipulatie.

In dit proces heeft hij er in de huidige tentoonstelling Travelling past matter in Lief hertje en de Grote Witte Reus (LhGWR) nog een tandje bijgezet. Het is van vliegtuigen naar ruimtereizen gegaan. De papieren vliegtuigjes die hij eerder vouwde en fotografeerde waren naar modellen van nooit in het echt uitgevoerde en geproduceerde machines. De machines die hij nu toont – en die hij zelf in elkaar gezet heeft –, zijn de sciencefictionachtige dingen waarmee mensen ooit het idee hadden naar het oppervlak van de Maan te kunnen reizen, al was het maar in hun wildste fantasieën. In een indrukwekkende diashow zijn de raketten en andere voertuigen te zien, terwijl ze zijn aangekomen op een verlaten, stoffig oppervlak, of nog daarnaar op weg zijn, om er te landen of om het van dichtbij te bekijken. Wederom is het waarheidsgehalte in de werken groot, maar tegelijkertijd is dat wat zij weergeven maar ten dele realiteit. Het zijn foto’s van de realiteit omdat dat wat je voor je ziet, ook daadwerkelijk voor Knibbelers lens te zien was, anderzijds zijn de voorstellingen gebaseerd op technisch onderzoek en fantasie. Knibbeler heeft zich de vraag gesteld hoe dit of dat ruimtevoertuig er nu uit zou zien wanneer het daadwerkelijk op het Maanopppervlak zou staan of in de ruimte zou vliegen. Hij heeft dat technisch onderzocht om een beeld te kunnen bedenken dat zo zuiver mogelijk is en dat zo suggestief is van compositie, belichting en entourage dat het alleen nog maar gefotografeerd hoeft te worden.

Eigenlijk is dat een heel bijzonder artistiek proces in onze post-postmoderne tijden waarin beelden niet gemanipuleerd genoeg lijken te kunnen zijn, zelfs wanneer het niet om fotografie of film gaat. De realiteit probeert zich soms hevig aan te passen aan de theatraliteit die televisie en internet ons leveren. Het is onderhand moeilijk meer uit te maken of mensen zich cultureel gedragen naar voorbeeld van wat hen voorgetoverd wordt via de beeldende media en zich als onderdeel van die mediarealiteit zien, of juist van hun eigen realiteit, voor zover die nog eigen kan zijn. Het is in die verwarrende situatie dat fotografie en film niet alleen maar nog meer verwarring kunnen scheppen, maar ook juist meer helderheid. Als iedere fotograaf weet Knibbeler natuurlijk maar al te goed dat een foto in feite altijd een vorm van manipulatie van de realiteit is. Dat kan technisch niet anders, het is een gegeven. Daar staat tegenover dat het hem wel degelijk gaat om datgene wat hij door de lens ziet en dat wat hij toont, is daarvan een weergave die gewoon ouderwets gelukt moet zijn, dusdanig dat je er niets meer aan hoeft te doen. Daar gaat uiteraard steeds een hoop voorwerk in zitten.

De zakelijkheid waarmee de voertuigen zijn weergegeven – zonder te veel details om de realiteit te intensiveren, ze lijken eigenlijk zó opgestaan uit een basale bouwtekening – lijkt in tegenspraak tot de bijna romantische situatie waarin ze zijn opgesteld in een dromerig, kosmisch licht. Ze hebben niets van de kleurige sciencefiction-weergaven vol met metalen flonkeringen en opflikkerende sterrenhopen, die je een zo dwingend compleet, intens en flitsend beeld willen voorschotelen dat je er niets meer bij hoeft te dromen. Dat soort weergaven biedt een spektakel waarin de menselijke geest als het ware lamgeslagen wordt. De foto’s van Knibbeler bieden nu juist die eenvoud waarin de geest actief blijft. Hij toont daarmee eigenlijk ook waar de grens met kitsch ligt op dit vlak. Naast de eenvoud van de toestellen, zijn de foto’s in zwart-wit. Kleuren zouden een compleet andere dimensie aan de werken hebben toegevoegd. In dit geval is kleur het element dat de betovering totaal kan verbreken. Knibbeler heeft dus iets gemaakt dat lijkt op de realiteit, maar dat dat nadrukkelijk niet is. Zijn beelden zijn daarmee tegelijkertijd geloofwaardig en ongeloofwaardig. Geloofwaardig genoeg om je in hun realiteit te kunnen verplaatsen en ongeloofwaardig genoeg om de kijker te verleiden zelf zijn voorstellingsvermogen te laten gebruiken. Die verleiding is belangrijk, want die hangt samen met Knibbelers esthetiek. Dat is een esthetiek van het precieze. Hij wil gewoon dat dat wat hij fotografeert klopt, zodat hij er met een weergave ook een heldere uitspraak over kan doen, die juist verleidt omdát hij klopt en dat, juist dat, is nu stijl.

Stijl is een houding in de kunst die doordringt in ieder detail ervan. Die houding van Knibbeler zit ook in de driekanaals-video Forming Synchrony uit 2016, momenteel te zien in het souterrain van LhGWR. Ook dat werk heeft te maken met het weergeven voor de camera van iets dat niet zichtbaar is. Knibbeler kreeg anderhalf uur de tijd om opnamen te maken van het elitekorps stuntvliegers van de Franse luchtmacht. Voor een precieze werker als Knibbeler was dat uiteraard maar een korte tijd die geen ruimte voor improvisatie bood, en hij heeft alles dus tot in de puntjes moeten voorbereiden om dat te filmen wat de kijker nu te zien krijgt. Het in beeld brengen van de stuntvliegers die hun oefeningen doen, onder leiding van hun aanvoerder, om de juiste houdingen aan te nemen tijdens bepaalde stunts, hun opstelling, de plaatsing van de camera’s en de cameravoering zelf, die garant moest staan voor zowel een voortdurend overzicht als voor verschillende details. De stuntvliegers moeten zich voorstellen in een vliegtuig te zitten terwijl zij stunten uitvoeren. Je ziet de vliegers met de handen de besturingsapparatuur betasten en vasthouden, je ziet ze meebewegen met de bewegingen van hun machine. Die bewegingen hebben op zichzelf al een esthetische waarde, het zijn zogezegd mooie oefeningen. Knibbeler heeft dat benadrukt door de vliegers neer te zetten in een ensemble, waardoor de groep samen bijna één organisme wordt. Het corps heeft geen inhoudelijke aanwijzingen gekregen van Knibbeler, de stunters doen wat zij normaal tijdens hun oefeningen ook doen. Tegelijkertijd is het een wonderlijk schouwspel. De stuntvliegers doen iets met wat er niet is: ze doen niet alleen iets met hun onzichtbare vliegtuig, maar ook met de bewegingen van de machine en met de luchtweerstand die dat oproept. In het midden van de drie kanalen toont Knibbeler een groot deel van de tijd een overzicht van de oefenende vliegers in hun lichtblauwe pakken tegen de zakelijke, neutrale achtergrond van een hangar. In de zijluiken zijn afwisselend details te zien van de handen en gezichten van de mannen. Het lijkt alsof de mannen de concentratie weerspiegelen waarmee Knibbeler het gebeuren heeft voorbereid. Hij heeft geen enkele moeite gedaan de kijker de sensatie te geven van een echte stuntvlucht. Als in de serie ruimtetoestellen zou dat hem weer een brug te ver zijn, want niet overeenstemmend met dat wat door de lens te zien was.

Er ligt een hartverwarmend purisme ten grondslag aan de stijl van werken en denken van Knibbeler. Hun enorme preciesheid en beredeneerdheid zijn in mooie balans met hun feitelijke romantische ondertoon. Romantisch, want uiteindelijk wil Knibbeler het sublieme, voor zover niet het onzegbare, dan toch het onzichtbare zichtbaar maken, maar dan wel op een in alle opzichten onderbouwde manier. Want, jazeker, de ruimtetoestellen werden bij vollemaanslicht buiten de stadsomgeving gefotografeerd.

Om de kijker in de sfeer te brengen van zijn gedachtenwereld en dromen, heeft hij ook een film gemaakt over de geschiedenis van het reizen naar de Maan, inclusief alle sciencefictionideeën daarover. Ook die film is weer in lijn met de precisie van Knibbeler. De film laat je inleven in de romantische, aanvankelijk onmogelijke wens om naar de Maan te reizen en hoe de uiteindelijke daadwerkelijke ruimtevaart ontstaan is uit die wens tot het sublieme. De film is een prachtige aanvulling op de beelden van de ruimtetoestellen in al hun verstilling.

Forming Synchrony is juist een combinatie van het romantisch verlangen van anderen, die daar letterlijk professioneel werk van maken en het oog van Knibbelers camera die het intense van dat verlangen en de precieze esthetiek ervan in beeld brengt.

Er is meer te zien op de tentoonstelling maar het zou te ver voeren daarover verder uit te weiden in deze review. Beter kun je de tijd nemen en zelf gaan kijken.

(Klik op de plaatjes voor een vergroting)

Bertus Pieters

Zie ook: https://villanextdoor.wordpress.com/2017/05/19/sjoerd-knibbeler-travelling-past-matter-lhgwr-the-hague/

https://www.nrc.nl/nieuws/2017/05/11/sjoerd-knibbeler-jaagt-het-onmogelijke-na-8773878-a1558059

Advertenties
Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers liken dit: