Skip to content

Johan Gustavsson, Floris Kruidenberg, Clara Pallí Monguilod en Nico Feragnoli: de mythe in eigen beheer.

12 mei 2012

In de tekeningen van Johan Gustavsson – je zou ze genrestukken kunnen noemen – houden de lijnen van plinten, zolderingen, kamerhoeken, tafelranden en soms van de personen zelf, op in de ruimte, in het wit van het papier. Eerder noemde ik ze allegorieën van de leegte. Wie nu kunstenaarsinitiatief 1646 aan de Haagse Boekhorststraat binnenstapt, krijgt het idee zelf onderdeel te zijn geworden van zo’n tekening. De voorruimte van de galerie is zo wit als het papier van de tekeningen van Gustavsson en de zaken die hij in de ruimte heeft aangebracht – soms quasi-achteloos – lijken zich net zo vreemd te manifesteren als in zijn tekeningen.

Maar als bezoeker behoor je nu zelf tot het genretafereel en je ziet dat er bijvoorbeeld een sinaasappel uit een onderdeel van een boekenrek steekt. Dat wil zeggen, het is maar een fragment van een boekenrek, waarvan de lijnen verder weer in het niets verdwijnen. Er blijkt trouwens nog een tweede sinaasappel te zijn: een blauwe. Zo bevinden zich nog een aantal zaken in de ruimte en voordat je het weet, ben je in de zelfde positie als de figuren in de tekeningen van Gustavsson: je verwondert je erover of je doet je best dat niet te doen, je lacht erom of je weet niet wat je ervan moet vinden (in modieus hedenlands verhoud je je er dan mee, geloof ik). De zaken zijn aanwezig maar lijken hun eigen duiding te ontglippen.

Een vork is ooit uitgevonden om mee te eten, maar wat heeft dat te maken met het voorwerp zelf? Hoeveel vat hebben we eigenlijk op de dingen? En hoeveel vat hebben de dingen op ons? De dingen om ons heen zijn uiteindelijk niet veel meer dan een constructie van onszelf. Maar wat als die constructie hapert (wat ze eigenlijk altijd doet)? In deze ruimte wordt de bezoeker ook zelf nadrukkelijk een constructie, maar van wie? In dit geval, eigenlijk van Johan Gustavsson…

Verderop in de galerie is de ruimte enigszins verduisterd om videowerken te kunnen projecteren. In een video van Floris Kruidenberg hebben de dingen allang hun duiding verloren. Het is of betekenis er niet meer toe doet in dit werk dat zich als een soort legpuzzel ontvouwt. Maar wat voor legpuzzel? Wat wordt hier compleet? Of liever: wordt hier iets compleet? Voorwerpen duiken op uit het duister als in een clair-obscuur schilderij en hun contouren blijven daarbij vaag. Wie langer kijkt, kan daar vrede mee krijgen, zoals je er vrede mee kunt hebben ’s nachts niet de gehele kosmos te zien, maar slechts een gedeelte van de sterrenhemel.

Kruidenberg laat ons speuren als in een sterrenhemel, maar naar veel ondefinieerbaardere zaken. Hoewel, wat is ondefinieerbaar? Definieerbaarheid is afhankelijk van betekenis. En hoewel de voorwerpen die Kruidenberg toont er alledaags uitzien, willen ze zelf maar geen betekenis krijgen. Hun betekenis bestaat slechts uit hun constellatie en ook die krijgen we maar fragmentarisch te zien. Onze ogen speuren mee met het zoekende licht naar de materialen waar de objecten uit opgebouwd zijn. Alles lijkt bijna duidelijk maar blijft uiteindelijk op afstand.

Het geprojecteerde werk van Clara Pallí Monguilod sluit daar wonderwel bij aan, zonder zijn eigen autonomie te verliezen. Vormen treden daar op in verschillende constellaties. De geometrie van de vormen contrasteert sterk met de personen die steeds nieuwe constellaties met de vormen maken. En de vraag rijst wie hier wiens wil oplegt. Natuurlijk, de personen maken gezamenlijk een samenhangende compositie met de geometrische vormen. Maar zij moeten zich in allerlei houdingen bewegen om dat te kunnen doen. Om de compositie dynamiek te verlenen, te laten zweven, te laten bewegen, moeten zij zelf stilstaan, stil zitten, hurken of liggen. Wie langer en geconcentreerd naar de video kijkt ziet de samenhang tussen personen en geometrische vormen als het ware uiteenvallen. Het zijn óf de personen die in bepaalde houdingen poseren met dingen in hun handen, óf het zijn de geometrische vormen die een steeds wisselende abstracte compositie vormen ondersteund door personen. Maar er is geen onderlinge hiërarchie tussen beide.

Als een kunstwerk een gematerialiseerd idee is, dan is dat in dit geval een te nauwe definitie van een kunstwerk, want degenen die ideeën materialiseren zijn zelf onderdeel van het werk geworden. Maar is dat wel zo? Immers zowel kunstwerken, ideeën als de rollen die mensen spelen zijn constructies die aan ons eigen brein zijn ontsprongen. Zij samen vormen een ritueel. Het ritueel is wellicht de meest oorspronkelijke opvatting van kunst. Hier is niet alleen sprake van geometrische composities en hun makers maar ook nog van de film waar wij naar kijken. Dat wat te zien is reikt niet verder dan de kaders van het beeld, maar wat wij ons voorstellen bij deze film reikt veel verder. En dat laat ook zien hoe de kijker ook steeds zelf deelneemt aan een kunstwerk, zelf deelneemt aan het ritueel of zelf zijn eigen ritueel maakt.

Nico Feragnoli drijft dat idee weer een andere kant op. Hemels bleek blauw laat hij een vlag tegen de bleke hemel wapperen. Vlaggen zijn als tekens van herkenning zowel mythische als reële objecten. Zij dienen onderhand geen praktisch nut meer, zij behoren slechts tot een ritueel, máken iets tot een ritueel. Maar Feragnoli lijkt daar opzettelijk aan voorbij te gaan. Slechts de wind, die beweging die menige vorm zijn contour laat vervormen, lijkt hier een rol te spelen. De turbulentie van de atmosfeer lijkt zich optisch te concentreren in het wapperen van de vlag. Als zodanig is deze video natuurlijk al een aardig kijkspel. Het haalt het spel van de wind binnenskamers, zelfs binnen een kader, en onze verbeelding doet de rest. Die brengt ons weer naar buiten.

Maar er is meer verbeelding. Eerder zei ik dat het lijkt of Feragnoli opzettelijk voorbij gaat aan het rituele aspect van de vlag. Maar in feite doet hij dat niet. Wat daar wappert is een vlag die zijn mythe (horend bij een al dan niet nationalistisch ritueel) tracht te ontkennen door met zijn kleur van een bleke hemel en zijn wapperen een schijnbaar oorspronkelijker mythe op te roepen: die van de natuurkrachten. Maar aan oudere mythes valt niet te ontkomen, ingeroeste constructies van onze geest die zij zijn. Wind en weer maken nu eenmaal geen mythes, dat doen mensen. En Feragnoli speelt daarmee een spel van herkenning en ontkenning.

En met zijn installatie/sculptuur in de patio van 1646 laat hij zien hoe speels hij daarin kan zijn. Een stofzuiger is een ding om stof mee te zuigen dacht u? Bij Feragnoli wordt het een bijna koninklijke wuifmachine, voornaam voorzien van een baldakijn.

Maar die baldakijn is niets anders dan een grote paraplu, die bovendien houtje-touwtje bevestigd is aan het geheel met onder meer een lepel. En daar heb je het weer: zo’n lepel was toch eigenlijk om mee te eten? Net als eerder de vork van Gustavsson? En dat alles om het gevouwen blaadje op de stofzuigerslang bevallig te laten wapperen.

De tentoonstelling maakt deel uit van een kleine manifestatie van zes kunstinstituten in Den Haag (Heden, Vrije Academie/Het Gemak, 1646, JCA De Kok, Stichting Ruimtevaart en Nest) ter ere van het ooit roemruchte Haagse Centrum voor Actuele Kunst (HCAK). Het HCAK  was de spil die Den Haag op eigen kracht de wereld van de eigentijdse kunst(beleving) in duwde. De tentoonstelling in 1646 staat onder curatorschap van twee belangrijke gangmakers van het HCAK: Rien Monshouwer en Philip Peters. Het toont werk van vier drijvende krachten achter 1646 (tentoonstellingstitel: ‘In eigen beheer’) en van de zes tentoonstellingen ademt deze, misschien niet toevallig, het meeste de sfeer van het HCAK.

Bertus Pieters

Geef een reactie

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

%d bloggers op de volgende wijze: